Betekenis van het woord alone in het Nederlands

Wat betekent alone in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

alone

US /əˈloʊn/
UK /əˈləʊn/
"alone" picture

Bijvoeglijk Naamwoord

1.

alleen, eenzaam

having no one else present

Voorbeeld:
•
She likes to be alone sometimes.
Ze is graag soms alleen.
•
He was sitting alone in the park.
Hij zat alleen in het park.
2.

alleen, zelfstandig

without the help of other people

Voorbeeld:
•
He built the entire house alone.
Hij bouwde het hele huis alleen.
•
Can you finish this task alone?
Kun je deze taak alleen afmaken?

Bijwoord

alleen, met rust

without anyone or anything else

Voorbeeld:
•
He left her alone in the house.
Hij liet haar alleen in huis.
•
Just leave me alone!
Laat me gewoon met rust!