Betekenis van het woord being in het Nederlands

Wat betekent being in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

being

US /ˈbiː.ɪŋ/
UK /ˈbiː.ɪŋ/
"being" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

bestaan, wezen

existence; the state or fact of existing

Voorbeeld:
•
The very being of the universe is a mystery.
Het hele bestaan van het universum is een mysterie.
•
Her entire being was focused on the task.
Haar hele wezen was gericht op de taak.
2.

wezen, mens

a human being

Voorbeeld:
•
Every living being deserves respect.
Elk levend wezen verdient respect.
•
She believes in the inherent goodness of all human beings.
Ze gelooft in de inherente goedheid van alle menselijke wezens.

Werkwoord

zijnde, worden

present participle of be

Voorbeeld:
•
He is being very quiet today.
Hij is vandaag erg stil.
•
The house is being renovated.
Het huis wordt gerenoveerd.