Betekenis van het woord billet in het Nederlands

Wat betekent billet in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

billet

US /ˈbɪl.ət/
UK /ˈbɪl.ɪt/
"billet" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

kwartier, onderkomen

a place, usually a civilian's house, where soldiers are lodged temporarily

Voorbeeld:
•
The soldiers were assigned billets in the local village.
De soldaten kregen kwartieren toegewezen in het plaatselijke dorp.
•
The officer inspected the soldiers' billets.
De officier inspecteerde de kwartieren van de soldaten.
2.

baan, positie

a position of employment; a job

Voorbeeld:
•
He secured a good billet in the government.
Hij bemachtigde een goede baan bij de overheid.
•
Her new billet offers better opportunities.
Haar nieuwe baan biedt betere kansen.
3.

houtblok, blok

a thick piece of wood, especially one cut to a specific length

Voorbeeld:
•
The carpenter used a sturdy billet for the support beam.
De timmerman gebruikte een stevige houtblok voor de draagbalk.
•
They cut the large log into several smaller billets.
Ze zaagden de grote boomstam in verschillende kleinere houtblokken.

Werkwoord

kwartieren, huisvesten

to provide lodging for (soldiers) in a civilian's house or other non-military building

Voorbeeld:
•
The town was asked to billet the arriving troops.
De stad werd gevraagd de arriverende troepen te kwartieren.
•
Families volunteered to billet the refugees.
Gezinnen boden vrijwillig aan om de vluchtelingen te huisvesten.