Betekenis van het woord blind in het Nederlands

Wat betekent blind in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

blind

US /blaɪnd/
UK /blaɪnd/
"blind" picture

Bijvoeglijk Naamwoord

1.

blind

unable to see because of injury, disease, or a congenital condition

Voorbeeld:
•
She has been blind since birth.
Ze is al sinds haar geboorte blind.
•
He went blind in his old age.
Hij werd blind op zijn oude dag.
Antoniem:
2.

blind, onwetend

not able to understand or accept something

Voorbeeld:
•
He is blind to his own faults.
Hij is blind voor zijn eigen fouten.
•
Love is blind.
Liefde is blind.

Werkwoord

1.

verblinden, blind maken

cause (someone) to be unable to see, permanently or temporarily

Voorbeeld:
•
The bright lights blinded him for a moment.
De felle lichten verblindden hem even.
•
The accident left him partially blind.
Het ongeluk maakte hem gedeeltelijk blind.
2.

verblinden, misleiden

deprive (someone) of understanding, judgment, or perception

Voorbeeld:
•
His ambition blinded him to the risks.
Zijn ambitie verblindde hem voor de risico's.
•
Prejudice can blind people to the truth.
Vooroordelen kunnen mensen blind maken voor de waarheid.

Zelfstandig Naamwoord

jaloezie, blind

a screen or cover for a window, especially one made of slats that can be adjusted to let in or shut out light

Voorbeeld:
•
Please pull down the blinds to block the sun.
Trek de jaloezieën naar beneden om de zon te blokkeren.
•
The room was dark with the blinds drawn.
De kamer was donker met de jaloezieën dicht.