Betekenis van het woord boater in het Nederlands

Wat betekent boater in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

boater

US /ˈboʊ.t̬ɚ/
UK /ˈbəʊ.tər/
"boater" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

boater, strooien hoed

a stiff straw hat with a flat crown and brim, typically worn in summer

Voorbeeld:
•
He wore a striped blazer and a straw boater to the regatta.
Hij droeg een gestreepte blazer en een strooien boater naar de regatta.
•
The old photograph showed men in suits and boaters.
De oude foto toonde mannen in pakken en boaters.
2.

bootvaarder, watersporter

a person who travels or takes part in activities on a boat

Voorbeeld:
•
The lake is popular with boaters and fishermen.
Het meer is populair bij bootvaarders en vissers.
•
Experienced boaters know the local currents well.
Ervaren bootvaarders kennen de lokale stromingen goed.