Betekenis van het woord bruise in het Nederlands

Wat betekent bruise in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

bruise

US /bruːz/
UK /bruːz/
"bruise" picture

Zelfstandig Naamwoord

blauwe plek, kneuzing

an injury appearing as an area of discolored skin on the body, caused by a blow or impact that breaks underlying blood vessels

Voorbeeld:
•
He had a large bruise on his arm after falling.
Hij had een grote blauwe plek op zijn arm na het vallen.
•
The apple had a soft bruise on one side.
De appel had een zachte kneuzing aan één kant.

Werkwoord

1.

kneuzen, blauwe plekken veroorzaken

inflict a bruise on (body tissue)

Voorbeeld:
•
He fell and bruised his knee.
Hij viel en kneuzde zijn knie.
•
Be careful not to bruise the fruit when you pick it.
Pas op dat je het fruit niet kneust als je het plukt.
2.

kwetsen, beschadigen

damage (someone's confidence, self-esteem, or feelings)

Voorbeeld:
•
His harsh words bruised her ego.
Zijn harde woorden kwetsten haar ego.
•
The criticism bruised his confidence.
De kritiek deukte zijn zelfvertrouwen in.