Betekenis van het woord buns in het Nederlands

Wat betekent buns in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

buns

US /bʌnz/
UK /bʌnz/

Meervoudig Zelfstandig Naamwoord

1.

broodjes, bolletjes

small bread rolls, often sweet and sometimes containing fruit

Voorbeeld:
•
She bought a dozen hot cross buns for Easter.
Ze kocht een dozijn hete kruisbroodjes voor Pasen.
•
These hamburger buns are perfectly toasted.
Deze hamburgerbroodjes zijn perfect geroosterd.
2.

knot, haar knot

hair that is tied up into a round shape at the back of the head

Voorbeeld:
•
She wore her hair in two neat buns.
Ze droeg haar haar in twee nette knotjes.
•
The ballerina had her hair pulled back in a tight bun.
De ballerina had haar haar strak in een knot getrokken.
3.

billen, achterwerk

buttocks

Voorbeeld:
•
He fell and landed hard on his buns.
Hij viel en landde hard op zijn billen.
•
She works out to keep her buns firm.
Ze traint om haar billen stevig te houden.