Betekenis van het woord buzzing in het Nederlands

Wat betekent buzzing in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

buzzing

US /ˈbʌz.ɪŋ/
UK /ˈbʌz.ɪŋ/
"buzzing" picture

Bijvoeglijk Naamwoord

1.

bruisend, levendig

filled with excitement, activity, or noise

Voorbeeld:
•
The stadium was buzzing with excitement before the game.
Het stadion was gonzend van opwinding voor de wedstrijd.
•
The city has a buzzing nightlife.
De stad heeft een bruisend nachtleven.
2.

zoemend

making a low, continuous humming sound

Voorbeeld:
•
I couldn't sleep because of the buzzing mosquito.
Ik kon niet slapen vanwege de zoemende mug.
•
There was a buzzing sound coming from the refrigerator.
Er kwam een zoemend geluid uit de koelkast.

Werkwoord

zoemen, gonzen

present participle of buzz; making a humming sound or moving quickly and busily

Voorbeeld:
•
Bees were buzzing around the flowers.
Bijen waren aan het zoemen rond de bloemen.
•
The office was buzzing with activity.
Het kantoor was gonzend van activiteit.