Betekenis van het woord championship in het Nederlands

Wat betekent championship in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

championship

US /ˈtʃæm.pi.ən.ʃɪp/
UK /ˈtʃæm.pi.ən.ʃɪp/
"championship" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

kampioenschap, wedstrijd

a contest for the position of champion in a sport or game

Voorbeeld:
•
The team won the national championship.
Het team won het nationale kampioenschap.
•
She is training hard for the world championship.
Ze traint hard voor het wereldkampioenschap.
2.

kampioenschap, titel

the position of being a champion

Voorbeeld:
•
He held the boxing championship for five years.
Hij bekleedde het bokskampioenschap vijf jaar lang.
•
Winning the championship was the highlight of his career.
Het winnen van het kampioenschap was het hoogtepunt van zijn carrière.