Betekenis van het woord chisel in het Nederlands

Wat betekent chisel in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

chisel

US /ˈtʃɪz.əl/
UK /ˈtʃɪz.əl/
"chisel" picture

Zelfstandig Naamwoord

beitel

a long-bladed hand tool with a bevelled cutting edge and a handle, used to cut or shape wood, stone, metal, or other hard materials.

Voorbeeld:
•
He used a wood chisel to carve the intricate details.
Hij gebruikte een houtbeitel om de ingewikkelde details te snijden.
•
The sculptor carefully shaped the stone with a hammer and chisel.
De beeldhouwer vormde de steen zorgvuldig met een hamer en beitel.

Werkwoord

1.

beitelen

to cut or shape (something) with a chisel.

Voorbeeld:
•
The carpenter began to chisel away at the block of wood.
De timmerman begon het blok hout te beitelen.
•
He carefully chiseled the stone into the desired shape.
Hij beitelde de steen zorgvuldig in de gewenste vorm.
2.

afzetten, bedriegen

to cheat or swindle (someone) out of something.

Voorbeeld:
•
He tried to chisel me out of my money.
Hij probeerde me mijn geld af te troggelen.
•
Don't let them chisel you on the price.
Laat ze je niet afzetten op de prijs.
Gerelateerd Woord: