Betekenis van het woord easy in het Nederlands

Wat betekent easy in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

easy

US /ˈiː.zi/
UK /ˈiː.zi/
"easy" picture

Bijvoeglijk Naamwoord

1.

gemakkelijk, eenvoudig

achieved without great effort; presenting few difficulties

Voorbeeld:
•
The test was surprisingly easy.
De test was verrassend gemakkelijk.
•
It's easy to make mistakes when you're tired.
Het is gemakkelijk om fouten te maken als je moe bent.
2.

gemakkelijk, ontspannen

free from anxiety or discomfort

Voorbeeld:
•
He felt easy after confessing his secret.
Hij voelde zich op zijn gemak nadat hij zijn geheim had opgebiecht.
•
Take it easy, you've been working too hard.
Doe het rustig aan, je hebt te hard gewerkt.

Bijwoord

gemakkelijk, eenvoudig

in an easy manner; without difficulty or effort

Voorbeeld:
•
He won the race easy.
Hij won de race gemakkelijk.
•
Just take it easy and relax.
Doe het gewoon rustig aan en ontspan.

Uitroep

rustig, voorzichtig

used as a command to relax or be careful

Voorbeeld:
•
Easy now, don't drop that vase!
Rustig nu, laat die vaas niet vallen!
•
Easy does it, slowly lift the box.
Rustig aan, til de doos langzaam op.