Betekenis van het woord evangelist in het Nederlands
Wat betekent evangelist in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
evangelist
US /ɪˈvæn.dʒə.lɪst/
UK /ɪˈvæn.dʒə.lɪst/
Zelfstandig Naamwoord
1.
evangelist, zendeling
a person who seeks to convert others to the Christian faith, especially by public preaching
Voorbeeld:
•
The traveling evangelist preached to large crowds in the town square.
De reizende evangelist predikte voor grote menigten op het stadsplein.
•
Billy Graham was a renowned American Christian evangelist.
Billy Graham was een gerenommeerde Amerikaanse christelijke evangelist.
2.
voorvechter, pleitbezorger
an enthusiastic advocate of something
Voorbeeld:
•
She's a passionate evangelist for healthy eating and sustainable living.
Ze is een gepassioneerde evangelist voor gezond eten en duurzaam leven.
•
He became an evangelist for open-source software.
Hij werd een evangelist voor open-source software.