Betekenis van het woord fabric in het Nederlands

Wat betekent fabric in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

fabric

US /ˈfæb.rɪk/
UK /ˈfæb.rɪk/
"fabric" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

stof, textiel

cloth, typically produced by weaving or knitting textile fibers

Voorbeeld:
•
The dress was made of a soft, flowing fabric.
De jurk was gemaakt van een zachte, soepelvallende stof.
•
She bought some beautiful silk fabric to make a scarf.
Ze kocht wat prachtige zijden stof om een sjaal te maken.
2.

structuur, opbouw, weefsel

the basic structure or framework of something

Voorbeeld:
•
The entire fabric of society was threatened by the economic crisis.
De hele structuur van de samenleving werd bedreigd door de economische crisis.
•
The new law could alter the very fabric of our daily lives.
De nieuwe wet zou de hele structuur van ons dagelijks leven kunnen veranderen.