Betekenis van het woord faintness in het Nederlands

Wat betekent faintness in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

faintness

US /ˈfeɪnt.nəs/
UK /ˈfeɪnt.nəs/

Zelfstandig Naamwoord

1.

flauwte, zwakte, duizeligheid

the quality or state of being faint; a feeling of dizziness or weakness that may lead to fainting

Voorbeeld:
She experienced a sudden wave of faintness and had to sit down.
Ze ervoer een plotselinge golf van flauwte en moest gaan zitten.
The doctor asked about any symptoms of faintness or lightheadedness.
De dokter vroeg naar symptomen van flauwte of duizeligheid.
2.

zwakte, onduidelijkheid, vaagheid

the quality of being indistinct or barely perceptible

Voorbeeld:
The faintness of the distant music made it hard to identify the song.
De zwakte van de verre muziek maakte het moeilijk om het liedje te identificeren.
Despite the faintness of the signal, they managed to establish communication.
Ondanks de zwakte van het signaal, slaagden ze erin communicatie tot stand te brengen.