Betekenis van het woord fence in het Nederlands

Wat betekent fence in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

fence

US /fens/
UK /fens/
"fence" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

hek, omheining

a barrier, railing, or other upright structure, typically of wood or wire, enclosing an area of ground to mark a boundary, control access, or prevent escape.

Voorbeeld:
•
The farmer built a new fence around his pasture.
De boer bouwde een nieuw hek rond zijn weide.
•
The children climbed over the garden fence.
De kinderen klommen over het tuinhek.
2.

heler, opkoper van gestolen goederen

a person who deals in stolen goods.

Voorbeeld:
•
The police arrested the fence who was selling stolen electronics.
De politie arresteerde de heler die gestolen elektronica verkocht.
•
He was known in the underworld as a reliable fence.
Hij stond in de onderwereld bekend als een betrouwbare heler.

Werkwoord

1.

omheinen, afzetten

enclose (an area) with a fence.

Voorbeeld:
•
They decided to fence off the dangerous area.
Ze besloten het gevaarlijke gebied af te zetten met een hek.
•
The property was completely fenced.
Het pand was volledig omheind.
2.

schermen

engage in the sport of fencing.

Voorbeeld:
•
She learned to fence at a young age.
Ze leerde al jong schermen.
•
They will fence in the national competition.
Ze zullen schermen in de nationale competitie.
3.

helen, opkopen van gestolen goederen

receive or buy stolen goods.

Voorbeeld:
•
He was caught trying to fence the stolen jewelry.
Hij werd betrapt toen hij de gestolen sieraden probeerde te helen.
•
It's illegal to fence stolen goods.
Het is illegaal om gestolen goederen te helen.