Betekenis van het woord freak in het Nederlands

Wat betekent freak in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

freak

US /friːk/
UK /friːk/

Zelfstandig Naamwoord

1.

freak, monster, wonder

a person, animal, or plant with an unusual physical abnormality

Voorbeeld:
•
The circus featured a bearded lady and other freaks.
Het circus bevatte een bebaarde dame en andere freaks.
•
He was considered a social freak because of his unusual habits.
Hij werd als een sociale freak beschouwd vanwege zijn ongewone gewoonten.
2.

freak, fanaat, gek

a person who is obsessed with or unusually enthusiastic about a specified thing

Voorbeeld:
•
He's a real fitness freak, always at the gym.
Hij is een echte fitnessfreak, altijd in de sportschool.
•
My brother is a computer freak; he knows everything about them.
Mijn broer is een computerfreak; hij weet er alles van.

Werkwoord

uitflippen, in paniek raken, door het lint gaan

to become or cause to become suddenly and violently angry or upset

Voorbeeld:
•
Don't freak out, it's not that bad.
Raak niet in paniek, het is niet zo erg.
•
The sudden noise made her freak out.
Het plotselinge geluid deed haar uit haar dak gaan.
Gerelateerd Woord: