Betekenis van het woord fuzz in het Nederlands

Wat betekent fuzz in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

fuzz

US /fʌz/
UK /fʌz/
"fuzz" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

dons, pluis

a mass of fine, light fibers or hairs

Voorbeeld:
•
There was a lot of lint and fuzz on the old sweater.
Er zat veel pluizen en dons op de oude trui.
•
The peach had a soft fuzz on its skin.
De perzik had een zachte dons op zijn schil.
2.

politie

the police

Voorbeeld:
•
The kids ran when they saw the fuzz coming.
De kinderen renden weg toen ze de politie zagen aankomen.
•
Watch out, here comes the fuzz!
Pas op, daar komt de politie!

Werkwoord

vervagen, verstoren

to make or become blurred or indistinct

Voorbeeld:
•
The old photograph had started to fuzz around the edges.
De oude foto begon aan de randen te vervagen.
•
The signal started to fuzz as we drove further away.
Het signaal begon te verstoren naarmate we verder weg reden.