Betekenis van het woord gloom in het Nederlands
Wat betekent gloom in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
gloom
US /ɡluːm/
UK /ɡluːm/
Zelfstandig Naamwoord
1.
somberheid, neerslachtigheid, treurnis
a state of depression or despondency
Voorbeeld:
•
A sense of gloom settled over the city after the news.
Een gevoel van somberheid daalde neer over de stad na het nieuws.
•
The economic forecast cast a shadow of gloom over the market.
De economische vooruitzichten wierpen een schaduw van somberheid over de markt.
2.
duisternis, schemering, donkerte
partial or total darkness
Voorbeeld:
•
The old house was filled with shadows and gloom.
Het oude huis was gevuld met schaduwen en duisternis.
•
We could barely see each other in the growing gloom of the evening.
We konden elkaar nauwelijks zien in de toenemende schemering van de avond.
Werkwoord
verduisteren, donker worden
to make dark or dim; to be or become dark or dim
Voorbeeld:
•
The heavy curtains gloomed the room.
De zware gordijnen verduisterden de kamer.
•
The sky began to gloom as the storm approached.
De lucht begon te verdonkeren toen de storm naderde.
Gerelateerd Woord: