Betekenis van het woord grazer in het Nederlands
Wat betekent grazer in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
grazer
US /ˈɡreɪzər/
UK /ˈɡreɪzə/
Zelfstandig Naamwoord
1.
grazer, weidedier
an animal that feeds on grass or other vegetation
Voorbeeld:
•
Cows are common grazers in many pastures.
Koeien zijn veelvoorkomende grazers in veel weiden.
•
The field was full of sheep and other grazers.
Het veld stond vol met schapen en andere grazers.
2.
snacketer, tussendooreter
a person who eats small amounts of food continuously over a period of time
Voorbeeld:
•
She's more of a grazer than someone who eats big meals.
Ze is meer een snacketer dan iemand die grote maaltijden eet.
•
Many office workers are grazers, eating small snacks throughout the day.
Veel kantoormedewerkers zijn snacketers, die de hele dag kleine hapjes eten.