Betekenis van het woord impostor in het Nederlands
Wat betekent impostor in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
impostor
US /ɪmˈpɑː.stɚ/
UK /ɪmˈpɒs.tər/
Zelfstandig Naamwoord
bedrieger, oplichter, impostor
a person who pretends to be someone else in order to deceive others, especially for fraudulent gain
Voorbeeld:
•
The police arrested the impostor who had been posing as a doctor.
De politie arresteerde de bedrieger die zich als arts had voorgedaan.
•
He felt like an impostor at the fancy party, despite his success.
Hij voelde zich een bedrieger op het chique feest, ondanks zijn succes.