Betekenis van het woord intimacy in het Nederlands

Wat betekent intimacy in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

intimacy

US /ˈɪn.t̬ə.mə.si/
UK /ˈɪn.tɪ.mə.si/
"intimacy" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

intimiteit, vertrouwelijkheid, nabijheid

close familiarity or friendship; closeness

Voorbeeld:
•
Their long friendship was characterized by deep intimacy.
Hun lange vriendschap werd gekenmerkt door diepe intimiteit.
•
She valued the intimacy of their conversations.
Ze waardeerde de intimiteit van hun gesprekken.
2.

intimiteit, gezelligheid, knusheid

a private, cozy atmosphere

Voorbeeld:
•
The small restaurant had a lovely sense of intimacy.
Het kleine restaurant had een heerlijk gevoel van intimiteit.
•
They preferred the intimacy of a quiet evening at home.
Ze gaven de voorkeur aan de intimiteit van een rustige avond thuis.