Betekenis van het woord issue in het Nederlands

Wat betekent issue in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

issue

US /ˈɪʃ.uː/
UK /ˈɪʃ.uː/
"issue" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

kwestie, probleem, punt

an important topic or problem for debate or discussion

Voorbeeld:
•
The main issue is funding for the new project.
Het belangrijkste probleem is de financiering van het nieuwe project.
•
We need to address this issue immediately.
We moeten dit probleem onmiddellijk aanpakken.
2.

uitgifte, uitreiking, distributie

the action of supplying or distributing something

Voorbeeld:
•
The issue of new passports will begin next month.
De uitgifte van nieuwe paspoorten begint volgende maand.
•
The company is responsible for the issue of refunds.
Het bedrijf is verantwoordelijk voor de uitgifte van terugbetalingen.
3.

nummer, uitgave

a set of newspapers, magazines, or the like, published at the same time

Voorbeeld:
•
Have you seen the latest issue of the magazine?
Heb je het laatste nummer van het tijdschrift gezien?
•
This special issue focuses on climate change.
Dit speciale nummer richt zich op klimaatverandering.

Werkwoord

1.

uitgeven, uitreiken, verstrekken

supply or distribute (something)

Voorbeeld:
•
The government will issue new guidelines next week.
De regering zal volgende week nieuwe richtlijnen uitgeven.
•
The bank can issue you a new credit card.
De bank kan u een nieuwe creditcard uitgeven.
2.

ontstaan, voortkomen, opduiken

(of a problem or difficulty) emerge; arise

Voorbeeld:
•
New problems began to issue as the project progressed.
Nieuwe problemen begonnen te ontstaan naarmate het project vorderde.
•
A warning was issued about the approaching storm.
Er werd een waarschuwing uitgegeven over de naderende storm.