Betekenis van het woord lavender in het Nederlands

Wat betekent lavender in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

lavender

US /ˈlæv.ɪn.dɚ/
UK /ˈlæv.ɪn.dər/
"lavender" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

lavendel

a small aromatic evergreen shrub of the mint family, with narrow leaves and bluish-purple flowers, grown for its fragrance and its essential oil.

Voorbeeld:
•
The garden was filled with the sweet scent of lavender.
De tuin was gevuld met de zoete geur van lavendel.
•
She uses lavender oil for relaxation.
Ze gebruikt lavendelolie voor ontspanning.
2.

lavendelkleur, lichtpaars

a pale purple color, like that of lavender flowers.

Voorbeeld:
•
The walls were painted a soft lavender.
De muren waren geschilderd in een zachte lavendelkleur.
•
She wore a beautiful lavender dress.
Ze droeg een prachtige lavendelkleurige jurk.

Bijvoeglijk Naamwoord

lavendelkleurig, lichtpaars

of a pale purple color.

Voorbeeld:
•
The sky turned a beautiful lavender at sunset.
De lucht kleurde een prachtige lavendelkleur bij zonsondergang.
•
She chose lavender curtains for her bedroom.
Ze koos lavendelkleurige gordijnen voor haar slaapkamer.