Betekenis van het woord nerve in het Nederlands

Wat betekent nerve in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

nerve

US /nɝːv/
UK /nɜːv/
"nerve" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

zenuw

a fiber or bundle of fibers in the body that transmits impulses of sensation and motion between the brain or spinal cord and all other parts of the body

Voorbeeld:
•
The doctor tested his reflexes to check his nerves.
De dokter testte zijn reflexen om zijn zenuwen te controleren.
•
Damage to the optic nerve can cause vision loss.
Schade aan de optische zenuw kan leiden tot gezichtsverlies.
2.

lef, moed

courage or confidence

Voorbeeld:
•
It took a lot of nerve to speak in front of such a large audience.
Het vergde veel lef om voor zo'n groot publiek te spreken.
•
He had the nerve to ask for a raise after being late all week.
Hij had het lef om om loonsverhoging te vragen nadat hij de hele week te laat was geweest.
3.

zenuwen, angst

a feeling of worry or anxiety

Voorbeeld:
•
She suffered from a bad case of nerves before her performance.
Ze leed aan een ernstige aanval van zenuwen voor haar optreden.
•
The waiting period gave him the nerves.
De wachttijd bezorgde hem de zenuwen.

Werkwoord

aanmoedigen, sterken

to give courage or confidence to (someone)

Voorbeeld:
•
The coach's words nerved the team before the big game.
De woorden van de coach sterkten het team voor de grote wedstrijd.
•
He nerved himself to face the challenge.
Hij moedigde zichzelf aan om de uitdaging aan te gaan.