Betekenis van het woord panicking in het Nederlands

Wat betekent panicking in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

panicking

US /ˈpæn.ɪk.ɪŋ/
UK /ˈpæn.ɪk.ɪŋ/

Bijvoeglijk Naamwoord

paniekerig, in paniek

feeling or showing panic

Voorbeeld:
•
The crowd became panicking as the fire alarm blared.
De menigte raakte in paniek toen het brandalarm afging.
•
She was panicking about her upcoming exams.
Ze was in paniek over haar aankomende examens.

Werkwoord

panikeren, in paniek raken

to feel or cause to feel panic

Voorbeeld:
•
Don't start panicking, we'll find a solution.
Begin niet te panikeren, we vinden wel een oplossing.
•
The sudden noise made everyone panic.
Het plotselinge geluid deed iedereen panikeren.
Gerelateerd Woord: