Betekenis van het woord pasture in het Nederlands

Wat betekent pasture in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

pasture

US /ˈpæs.tʃɚ/
UK /ˈpɑːs.tʃər/
"pasture" picture

Zelfstandig Naamwoord

weide, grasland

land covered with grass and other low plants suitable for grazing animals, especially cattle or sheep.

Voorbeeld:
•
The cows grazed peacefully in the green pasture.
De koeien graasden vredig in de groene weide.
•
The farmer moved his sheep to a new pasture.
De boer verplaatste zijn schapen naar een nieuwe weide.

Werkwoord

weiden, grazen

put (animals) to graze in a pasture.

Voorbeeld:
•
The farmer will pasture his cattle in the lower fields.
De boer zal zijn vee weiden in de lagere velden.
•
They decided to pasture the horses near the river.
Ze besloten de paarden bij de rivier te weiden.