Betekenis van het woord polish in het Nederlands

Wat betekent polish in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

polish

US /ˈpɑː.lɪʃ/
UK /ˈpɒl.ɪʃ/
"polish" picture

Zelfstandig Naamwoord

poetsmiddel, glansmiddel

a substance used to polish something

Voorbeeld:
•
She applied a coat of furniture polish to the table.
Ze bracht een laag meubelpoets aan op de tafel.
•
I need to buy some shoe polish.
Ik moet schoenpoets kopen.

Werkwoord

1.

poetsen, polijsten

to make something smooth and shiny by rubbing it

Voorbeeld:
•
He spent an hour polishing his shoes.
Hij besteedde een uur aan het poetsen van zijn schoenen.
•
The silverware needs to be polished before dinner.
Het zilverwerk moet gepoetst worden voor het avondeten.
2.

verbeteren, verfijnen

to improve or refine something

Voorbeeld:
•
She needs to polish her presentation skills.
Ze moet haar presentatievaardigheden verbeteren.
•
The editor helped him polish his manuscript.
De redacteur hielp hem zijn manuscript te verfijnen.

Bijvoeglijk Naamwoord

Pools

relating to Poland, its language, or its people

Voorbeeld:
•
She is learning the Polish language.
Ze leert de Poolse taal.
•
He enjoys Polish cuisine.
Hij geniet van de Poolse keuken.