Betekenis van het woord purchase in het Nederlands

Wat betekent purchase in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

purchase

US /ˈpɝː.tʃəs/
UK /ˈpɜː.tʃəs/
"purchase" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

aankoop, koop

the action of buying something, or the item bought

Voorbeeld:
•
She made a large purchase at the department store.
Ze deed een grote aankoop in het warenhuis.
•
Keep your receipt as proof of purchase.
Bewaar je kassabon als bewijs van aankoop.
2.

grip, houvast

firm grasp or footing on something

Voorbeeld:
•
The climber struggled to get a good purchase on the slippery rock.
De klimmer worstelde om een goede grip te krijgen op de gladde rots.
•
The tires lost their purchase on the icy road.
De banden verloren hun grip op de ijzige weg.

Werkwoord

kopen, aanschaffen

to acquire something by paying for it; buy

Voorbeeld:
•
We plan to purchase a new car next month.
We zijn van plan om volgende maand een nieuwe auto te kopen.
•
The company decided to purchase new equipment.
Het bedrijf besloot nieuwe apparatuur te kopen.