Betekenis van het woord rage in het Nederlands

Wat betekent rage in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

rage

US /reɪdʒ/
UK /reɪdʒ/
"rage" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

woede, razernij, toorn

violent uncontrollable anger

Voorbeeld:
•
He flew into a rage when he heard the news.
Hij vloog in een woede toen hij het nieuws hoorde.
•
Her eyes burned with rage.
Haar ogen brandden van woede.
2.

rage, mode, trend

a temporary craze or obsession with something

Voorbeeld:
•
The new video game is all the rage among teenagers.
Het nieuwe videospel is helemaal de rage onder tieners.
•
Bell-bottoms were all the rage in the 1970s.
Wijde pijpen waren helemaal de rage in de jaren 70.

Werkwoord

razen, woeden, tieren

feel or express violent uncontrollable anger

Voorbeeld:
•
He began to rage at the injustice of the decision.
Hij begon te razen over de onrechtvaardigheid van de beslissing.
•
The storm continued to rage throughout the night.
De storm bleef de hele nacht woeden.