Betekenis van het woord rib in het Nederlands

Wat betekent rib in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

rib

US /rɪb/
UK /rɪb/
"rib" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

rib

each of a series of curved bones that are connected to the spine and help to form the rib cage

Voorbeeld:
•
He fractured a rib in the accident.
Hij brak een rib bij het ongeluk.
•
The doctor checked for broken ribs.
De dokter controleerde op gebroken ribben.
Synoniem:
2.

ribbetje, ribstuk

a cut of meat, especially beef or pork, that includes a rib or ribs

Voorbeeld:
•
We ordered a plate of barbecued ribs.
We bestelden een bord met barbecued ribbetjes.
•
The chef prepared a delicious prime rib.
De chef bereidde een heerlijke prime rib.
3.

ribbel, rand

a raised band or ridge, especially one that is part of a structure or surface

Voorbeeld:
•
The fabric had a distinct rib pattern.
De stof had een duidelijk ribbelpatroon.
•
The umbrella's ribs provide its structure.
De ribben van de paraplu zorgen voor de structuur.

Werkwoord

plagen, spotten

to tease or make fun of someone in a playful way

Voorbeeld:
•
His friends always rib him about his terrible singing.
Zijn vrienden plagen hem altijd met zijn vreselijke zang.
•
She likes to rib her brother about his messy room.
Ze vindt het leuk om haar broer te plagen over zijn rommelige kamer.