Betekenis van het woord scoring in het Nederlands

Wat betekent scoring in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

scoring

US /ˈskɔːrɪŋ/
UK /ˈskɔːrɪŋ/

Zelfstandig Naamwoord

1.

scoren, puntentelling

the act of gaining points in a game or sport

Voorbeeld:
•
The team's scoring improved significantly in the second half.
De score van het team verbeterde aanzienlijk in de tweede helft.
•
He is known for his consistent scoring ability.
Hij staat bekend om zijn consistente scorend vermogen.
2.

nakijken, beoordeling

the process of assigning a numerical value to something, often for evaluation

Voorbeeld:
•
The teacher finished the scoring of the exams.
De leraar heeft het nakijken van de examens afgerond.
•
Automated scoring systems are used for standardized tests.
Geautomatiseerde scoresystemen worden gebruikt voor gestandaardiseerde tests.

Werkwoord

scoren, beoordelen

present participle of 'score'

Voorbeeld:
•
He was scoring goals consistently throughout the season.
Hij was het hele seizoen consistent aan het scoren.
•
The judges are currently scoring the performances.
De juryleden zijn momenteel de optredens aan het beoordelen.