Betekenis van het woord snag in het Nederlands

Wat betekent snag in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

snag

US /snæɡ/
UK /snæɡ/

Zelfstandig Naamwoord

1.

hapering, probleem, moeilijkheid

a small, unexpected problem or difficulty

Voorbeeld:
•
We hit a small snag with the project schedule.
We kwamen een kleine hapering tegen in het projectplan.
•
The only snag is that we don't have enough money.
Het enige probleem is dat we niet genoeg geld hebben.
2.

haak, uitsteeksel, punt

a sharp or projecting point

Voorbeeld:
•
Be careful not to catch your clothes on that sharp snag.
Pas op dat je je kleding niet aan die scherpe haak vangt.
•
The old tree stump had a dangerous snag sticking out.
De oude boomstronk had een gevaarlijke uitsteeksel dat uitstak.

Werkwoord

1.

haken, scheuren, vast komen te zitten

to catch or tear something on a sharp projection

Voorbeeld:
•
She accidentally snagged her stocking on a loose nail.
Ze haalde per ongeluk haar kous open aan een losse spijker.
•
The fishing line snagged on a submerged branch.
De vislijn bleef haken aan een ondergedompelde tak.
2.

bemachtigen, grijpen, krijgen

to obtain something, typically quickly or unexpectedly

Voorbeeld:
•
He managed to snag the last ticket to the concert.
Hij wist het laatste kaartje voor het concert te bemachtigen.
•
I hope to snag a good deal on a new car this weekend.
Ik hoop dit weekend een goede deal voor een nieuwe auto te bemachtigen.
Gerelateerd Woord: