Betekenis van het woord tandem in het Nederlands

Wat betekent tandem in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

tandem

US /ˈtæn.dəm/
UK /ˈtæn.dəm/
"tandem" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

tandem

a bicycle designed for two riders, one behind the other

Voorbeeld:
•
They rode a tandem along the beach.
Ze reden op een tandem langs het strand.
•
Learning to ride a tandem requires coordination.
Leren rijden op een tandem vereist coördinatie.
2.

tandemkoets

a two-wheeled carriage drawn by two horses harnessed one before the other

Voorbeeld:
•
The old painting showed a noble couple riding in a tandem carriage.
Het oude schilderij toonde een adellijk paar dat in een tandemkoets reed.

Bijwoord

in tandem, samen

alongside each other; together

Voorbeeld:
•
The two departments work in tandem on this project.
De twee afdelingen werken in tandem aan dit project.
•
The police and the community worked in tandem to reduce crime.
De politie en de gemeenschap werkten in tandem om criminaliteit te verminderen.
Gerelateerd Woord: