Betekenis van het woord traverse in het Nederlands

Wat betekent traverse in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

traverse

US /trəˈvɝːs/
UK /trəˈvɜːs/
"traverse" picture

Werkwoord

1.

doorkruisen, oversteken

to travel across or through

Voorbeeld:
•
The explorers had to traverse the dense jungle.
De ontdekkingsreizigers moesten de dichte jungle doorkruisen.
•
We will traverse the mountain range by foot.
We zullen de bergketen te voet doorkruisen.
2.

heen en weer bewegen, zijdelings bewegen

to move back and forth or sideways

Voorbeeld:
•
The actor had to traverse the stage during his monologue.
De acteur moest het podium oversteken tijdens zijn monoloog.
•
The camera slowly traversed the landscape.
De camera bewoog langzaam over het landschap.

Zelfstandig Naamwoord

traverse, doorgang

a path or route that traverses something

Voorbeeld:
•
The mountain climbers followed a difficult traverse along the cliff face.
De bergbeklimmers volgden een moeilijke traverse langs de klifwand.
•
The architect designed a grand traverse connecting the two wings of the building.
De architect ontwierp een grote traverse die de twee vleugels van het gebouw verbond.
Gerelateerd Woord: