Betekenis van het woord weed in het Nederlands

Wat betekent weed in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

weed

US /wiːd/
UK /wiːd/
"weed" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

onkruid

a wild plant growing where it is not wanted and in competition with cultivated plants.

Voorbeeld:
•
The garden was overgrown with weeds.
De tuin was overwoekerd met onkruid.
•
She spent the afternoon pulling weeds.
Ze bracht de middag door met onkruid wieden.
2.

wiet, marihuana

cannabis, especially when smoked.

Voorbeeld:
•
He was caught smoking weed in the park.
Hij werd betrapt op het roken van wiet in het park.
•
Some states have legalized weed for recreational use.
Sommige staten hebben wiet gelegaliseerd voor recreatief gebruik.

Werkwoord

1.

wieden, onkruid verwijderen

remove unwanted plants from (an area of land).

Voorbeeld:
•
It's time to weed the flower beds.
Het is tijd om de bloembedden te wieden.
•
She spent hours weeding the vegetable patch.
Ze bracht uren door met het wieden van de moestuin.
2.

uitroeien, verwijderen

remove (a weaker or less desirable member of a group or collection).

Voorbeeld:
•
The company decided to weed out underperforming employees.
Het bedrijf besloot onderpresterende werknemers te wieden.
•
We need to weed out the errors in the report.
We moeten de fouten in het rapport eruit filteren.