Betekenis van het woord winning in het Nederlands

Wat betekent winning in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

winning

US /ˈwɪn.ɪŋ/
UK /ˈwɪn.ɪŋ/
"winning" picture

Bijvoeglijk Naamwoord

winnend, zegevierend

achieving victory or success in a competition or struggle

Voorbeeld:
•
The team has a winning streak of five games.
Het team heeft een winnende reeks van vijf wedstrijden.
•
Her winning smile charmed everyone.
Haar winnende glimlach charmeerde iedereen.

Zelfstandig Naamwoord

overwinning, winst

the action of achieving victory or success in a competition or struggle

Voorbeeld:
•
The team celebrated their winning of the championship.
Het team vierde hun overwinning van het kampioenschap.
•
His winning of the lottery changed his life.
Zijn winst van de loterij veranderde zijn leven.