Betekenis van het woord worshipper in het Nederlands
Wat betekent worshipper in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland
worshipper
US /ˈwɝː.ʃɪp.ɚ/
UK /ˈwɜː.ʃɪp.ər/
Zelfstandig Naamwoord
1.
aanbidder, gelovige
a person who worships God or a god
Voorbeeld:
•
The church was filled with devout worshippers.
De kerk was gevuld met vrome aanbidders.
•
Many worshippers gathered for the sunrise service.
Veel aanbidders verzamelden zich voor de zonsopgangsdienst.
2.
aanbidder, bewonderaar
a person who admires and loves someone or something very much
Voorbeeld:
•
She was a devoted worshipper of classical music.
Ze was een toegewijde aanbidder van klassieke muziek.
•
His fans are his most loyal worshippers.
Zijn fans zijn zijn meest loyale aanbidders.