Betekenis van het woord agency in het Nederlands

Wat betekent agency in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

agency

US /ˈeɪ.dʒən.si/
UK /ˈeɪ.dʒən.si/
"agency" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

bureau, agentschap

a business or organization providing a particular service on behalf of another business, person, or group

Voorbeeld:
•
She works for a travel agency.
Ze werkt voor een reisbureau.
•
The advertising agency created a new campaign.
Het reclamebureau creëerde een nieuwe campagne.
2.

instantie, overheidsorgaan

government department or body

Voorbeeld:
•
The FBI is a federal agency.
De FBI is een federale instantie.
•
The environmental protection agency monitors pollution levels.
De milieuinstantie bewaakt de vervuilingsniveaus.
3.

handelingsvrijheid, autonomie

the capacity of an agent to act in the world

Voorbeeld:
•
Individuals have the agency to make their own choices.
Individuen hebben de handelingsvrijheid om hun eigen keuzes te maken.
•
The novel explores themes of human agency in a dystopian society.
De roman verkent thema's van menselijke handelingsvrijheid in een dystopische samenleving.