Betekenis van het woord boat in het Nederlands

Wat betekent boat in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

boat

US /boʊt/
UK /bəʊt/
"boat" picture

Zelfstandig Naamwoord

boot, vaartuig

a small vessel propelled on water by oars, sails, or an engine

Voorbeeld:
•
We took a small boat out on the lake.
We namen een kleine boot mee het meer op.
•
The fishermen returned to shore in their fishing boat.
De vissers keerden terug naar de kust in hun vissersboot.

Werkwoord

varen, bootje varen

to travel by boat

Voorbeeld:
•
We decided to boat across the lake to the island.
We besloten om met de boot over het meer naar het eiland te varen.
•
They often boat on the river during summer.
Ze varen vaak op de rivier in de zomer.