Betekenis van het woord express in het Nederlands

Wat betekent express in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

express

US /ɪkˈspres/
UK /ɪkˈspres/
"express" picture

Werkwoord

1.

uiten, uitdrukken

convey (a thought or feeling) in words or by gestures and behavior

Voorbeeld:
•
She wanted to express her gratitude.
Ze wilde haar dankbaarheid uiten.
•
He struggled to express his feelings.
Hij worstelde om zijn gevoelens te uiten.
2.

verzenden, expres verzenden

send (something) by a rapid transport or delivery service

Voorbeeld:
•
Please express this package for urgent delivery.
Gelieve dit pakket expres te verzenden voor spoedlevering.
•
They decided to express the documents overnight.
Ze besloten de documenten 's nachts expres te verzenden.

Bijvoeglijk Naamwoord

1.

expres, snel

operating at high speed

Voorbeeld:
•
The express train arrived on time.
De exprestrein arriveerde op tijd.
•
We took the express lane to avoid traffic.
We namen de expresbaan om files te vermijden.
2.

uitdrukkelijk, expliciet

clearly and explicitly stated

Voorbeeld:
•
The contract contained an express clause about termination.
Het contract bevatte een uitdrukkelijke clausule over beëindiging.
•
He gave an express command to proceed.
Hij gaf een uitdrukkelijk bevel om door te gaan.

Zelfstandig Naamwoord

expres, sneltrein, snelbus

a fast train or bus that makes few stops

Voorbeeld:
•
I took the express to the city center.
Ik nam de expres naar het stadscentrum.
•
The express service delivers packages overnight.
De expresdienst levert pakketten 's nachts.

Bijwoord

expres, snel

by express delivery or transport

Voorbeeld:
•
Send it express to ensure it arrives tomorrow.
Verzend het expres om ervoor te zorgen dat het morgen aankomt.
•
The package was delivered express.
Het pakket werd expres geleverd.