Betekenis van het woord direct in het Nederlands

Wat betekent direct in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

direct

US /daɪˈrekt/
UK /daɪˈrekt/
"direct" picture

Bijvoeglijk Naamwoord

1.

direct, rechtstreeks

extending or moving in a straight line or by the shortest course; going straight to the point

Voorbeeld:
•
Take a direct route to the station.
Neem een directe route naar het station.
•
He gave a direct answer to the question.
Hij gaf een direct antwoord op de vraag.
2.

direct, onmiddellijk

without intervening factors or intermediaries

Voorbeeld:
•
The decision had a direct impact on their lives.
De beslissing had een directe impact op hun leven.
•
You can make a direct payment to the company.
U kunt een directe betaling aan het bedrijf doen.

Werkwoord

1.

leiden, besturen, dirigeren

control the operations of; manage or govern

Voorbeeld:
•
She was hired to direct the new marketing campaign.
Ze werd aangenomen om de nieuwe marketingcampagne te leiden.
•
The conductor will direct the orchestra.
De dirigent zal het orkest leiden.
2.

richten, wijzen, sturen

aim or point (something) in a particular direction

Voorbeeld:
•
He directed his gaze towards the horizon.
Hij richtte zijn blik naar de horizon.
•
The sign directs traffic to the bypass.
Het bord wijst het verkeer naar de rondweg.
3.

opdragen, instrueren, bevelen

give an order or instruction to

Voorbeeld:
•
The teacher directed the students to open their books.
De leraar droeg de leerlingen op hun boeken te openen.
•
The police officer directed him to pull over.
De politieagent droeg hem op te stoppen.

Bijwoord

direct, rechtstreeks

in a direct manner; straight

Voorbeeld:
•
Go direct to the main office.
Ga direct naar het hoofdkantoor.
•
He flew direct from London to New York.
Hij vloog direct van Londen naar New York.