Betekenis van het woord pet in het Nederlands

Wat betekent pet in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

pet

US /pet/
UK /pet/
"pet" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

huisdier

a domestic or tamed animal kept for companionship or pleasure

Voorbeeld:
•
My cat is a beloved pet.
Mijn kat is een geliefd huisdier.
•
Do you have any pets at home?
Heb je huisdieren thuis?
2.

lieveling, oogappel

a person treated with special favoritism; a darling

Voorbeeld:
•
She's the teacher's pet.
Zij is het lievelingetje van de leraar.
•
He's the company's pet project.
Het is het lievelingsproject van het bedrijf.

Werkwoord

aaien, strelen

to stroke or caress (an animal) affectionately

Voorbeeld:
•
She loves to pet her dog.
Ze houdt ervan haar hond te aaien.
•
He gently petted the cat's fur.
Hij aaide zachtjes de vacht van de kat.

Bijvoeglijk Naamwoord

huisdier-, tam

kept as a pet

Voorbeeld:
•
She has a pet dog named Buddy.
Ze heeft een huisdier hond genaamd Buddy.
•
The zoo has many exotic pet birds.
De dierentuin heeft veel exotische huisdiervogels.