Betekenis van het woord rain in het Nederlands

Wat betekent rain in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

rain

US /reɪn/
UK /reɪn/
"rain" picture

Zelfstandig Naamwoord

regen

moisture condensed from the atmosphere that falls visibly in separate drops

Voorbeeld:
•
The rain started pouring just as we left.
De regen begon te stromen net toen we vertrokken.
•
We need to bring an umbrella because of the forecast for rain.
We moeten een paraplu meenemen vanwege de voorspelling van regen.

Werkwoord

regenen

fall as rain

Voorbeeld:
•
It started to rain heavily in the afternoon.
Het begon 's middags hevig te regenen.
•
Don't forget your umbrella, it might rain later.
Vergeet je paraplu niet, het kan later regenen.