Betekenis van het woord wife in het Nederlands

Wat betekent wife in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

wife

US /waɪf/
UK /waɪf/
"wife" picture

Zelfstandig Naamwoord

vrouw, echtgenote

a married woman considered in relation to her husband

Voorbeeld:
•
My wife and I are going on vacation next month.
Mijn vrouw en ik gaan volgende maand op vakantie.
•
He introduced his wife to his colleagues.
Hij stelde zijn vrouw voor aan zijn collega's.
Antoniem: