Betekenis van het woord argument in het Nederlands

Wat betekent argument in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

argument

US /ˈɑːrɡ.jə.mənt/
UK /ˈɑːɡ.jə.mənt/
"argument" picture

Zelfstandig Naamwoord

1.

ruzie, discussie, geschil

an exchange of diverging or opposite views, typically a heated or angry one

Voorbeeld:
•
They had a fierce argument about politics.
Ze hadden een heftige ruzie over politiek.
•
I don't want to have an argument with you.
Ik wil geen ruzie met je hebben.
2.

argument, reden, bewijs

a reason or set of reasons given with the aim of persuading others that an action or idea is right or wrong

Voorbeeld:
•
He presented a strong argument for his proposal.
Hij presenteerde een sterk argument voor zijn voorstel.
•
Her main argument was that the cost was too high.
Haar belangrijkste argument was dat de kosten te hoog waren.