Betekenis van het woord dark in het Nederlands

Wat betekent dark in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

dark

US /dɑːrk/
UK /dɑːk/
"dark" picture

Bijvoeglijk Naamwoord

1.

donker

with little or no light

Voorbeeld:
•
It's getting dark outside.
Het wordt donker buiten.
•
The room was completely dark.
De kamer was helemaal donker.
2.

donker

of a deep or dense shade of color

Voorbeeld:
•
She wore a dark blue dress.
Ze droeg een donkerblauwe jurk.
•
His hair is very dark.
Zijn haar is erg donker.
Synoniem:
Antoniem:
3.

donker

evil or sinister

Voorbeeld:
•
He has a dark past.
Hij heeft een donker verleden.
•
There's a dark side to his personality.
Er is een donkere kant aan zijn persoonlijkheid.

Zelfstandig Naamwoord

donker

the absence of light

Voorbeeld:
•
We walked home in the dark.
We liepen in het donker naar huis.
•
The power went out, and we were left in the dark.
De stroom viel uit, en we zaten in het donker.