Betekenis van het woord register in het Nederlands

Wat betekent register in het Engels? Ontdek de betekenis, uitspraak en specifiek gebruik van dit woord met Lingoland

register

US /ˈredʒ.ə.stɚ/
UK /ˈredʒ.ɪ.stər/
"register" picture

Werkwoord

1.

registreren, inschrijven

enter or record (an item) in an official list or directory

Voorbeeld:
•
You need to register your car with the DMV.
Je moet je auto registreren bij de RDW.
•
Please register for the conference by Friday.
Gelieve uiterlijk vrijdag voor de conferentie te registreren.
2.

registreren, aangeven

(of an instrument) detect and show (a reading or measurement)

Voorbeeld:
•
The thermometer registered a temperature of 38 degrees Celsius.
De thermometer registreerde een temperatuur van 38 graden Celsius.
•
The seismograph registered a minor tremor.
De seismograaf registreerde een lichte trilling.
3.

tonen, verraden

(of a person's face or eyes) show (an emotion or reaction)

Voorbeeld:
•
His face didn't register any surprise.
Zijn gezicht verraadde geen verrassing.
•
A flicker of annoyance registered in her eyes.
Een vleugje ergernis verscheen in haar ogen.

Zelfstandig Naamwoord

1.

register, lijst

an official list or record, especially of names

Voorbeeld:
•
The church keeps a register of all baptisms.
De kerk houdt een register bij van alle dopen.
•
Check the register to see if his name is on it.
Controleer het register om te zien of zijn naam erop staat.
2.

kassa, kassaregister

a cash register

Voorbeeld:
•
The cashier rang up the sale on the register.
De caissière sloeg de verkoop aan op de kassa.
•
We need to empty the register at the end of the day.
We moeten de kassa aan het einde van de dag legen.
3.

register, bereik

a range of a voice or musical instrument

Voorbeeld:
•
The singer has an impressive vocal register.
De zanger heeft een indrukwekkend vocaal register.
•
The piano has a wide dynamic register.
De piano heeft een breed dynamisch register.